Tweewielers - Racefiets

Sinds begin jaren 80 van de vorige eeuw ontstond een gestage groei in de wielersport. Fietsen werd namelijk niet meer alleen als noodzakelijk kwaad beschouwd doch geleidelijk aan sloop ook het sportieve element erin. Namen als Jan Janssen en Joop Zoetemelk droegen hier als enige Nederlandse Tour de France winnaars hun steentje aan bij. De racefiets werd ook steeds toegankelijker en beter betaalbaar voor de sportieve mannen en vrouwen. De intrede van de mountainbike “de terreinfiets” genaamd, droeg eveneens bij aan de groei van de wielersport voor een breder publiek.

Met de introductie van modernere sporten als triatlon, biatlon etc. werd de behoefte voor sportievelingen onder ons alleen maar groter. De wielrenfiets alsmede de mountainbike zijn (evenals de automobielindustrie) continue aan technische veranderingen en vooruitgang onderhevig. Jarenlang werden frames van wielrenfietsen uit stalen buizen gefabriceerd. Halverwege de jaren 80 van de vorige eeuw raakten stalen frames steeds meer naar de achtergrond nadat de “vaak lichtere” aluminium maar ook magnesium frames werden geïntroduceerd. Hierdoor nam de kwetsbaarheid van de wielrenfiets eveneens toe. Als voorheen, na een valpartij een metalen frame uit het lood stond, kon dit door de fietsenmaker deskundig worden gericht; of een deuk in een framebuis kon vrij eenvoudig worden verholpen met het vervangen van een framebuis.

Aluminium laat zich niet richten en het eventueel vervangen van een framebuis (deuk in de buis) bleek vaak ook niet economisch haalbaar. Schadeherstel werd hierdoor al vrij snel duurder en ingewikkelder. Vervolgens werd het veel duurdere composiet (carbon) materiaal geïntroduceerd. Dit vederlichte materiaal bleek door zijn specifieke eigenschappen uitermate geschikt voor toepassingen in de wielren- en mountainbike-industrie. Echter de toenemende kwetsbaarheid van dit materiaal bleek eveneens al gauw een feit. In veel gevallen bleek het composiet materiaal niet bestand tegen valpartijen en schokdempingen van buitenaf. Carbonreparaties waren in de beginperiode uit den boze. Volgens deskundigen liet carbon zich niet repareren en bij schade was vervanging van het onderdeel en/of het gehele frame een feit. Aangezien het carbon niet alleen in toenemende mate in frames en voorvorken werd toegepast, maar ook in velgen en wielsets, alsmede in zadels en stuurbochten werd de schadelast steeds hoger.

Echter door de voortschrijding van de reparatietechnieken met carbon zijn de herstelmogelijkheden erg uitgebreid. In zeer veel gevallen behoren carbonreparaties tot de mogelijkheden. AVI werkt samen met een aantal door haar geselecteerde carbon herstelbedrijven. Deze gespecialiseerde bedrijven voldoen aan hoge kwaliteitsnormen. Men geeft bijvoorbeeld op carbonreparaties een levenslange garantie. Daarnaast geven zij op spuitwerk een garantie van 7 jaar.

AVI Mobiliteitsexpertise | Postadres: NL - 7160 AA Neede | info@avischade.nl | Webdesign: InStijl Media